
Volgens een rapport van het BIS (Bank for International Settlement) uit 2007 is de markt voor forex op dagelijkse basis ongeveer $3.000.000.000.000 groot. Dat maakt het de grootste financiele markt ter wereld. Anders dan de NYSE of de CBOT is de markt voor forex handel een gedecentraliseerde markt. Dat wil zeggen dat er geen “centrale” plaats is waar vraag en aanbod bij elkaar komt. In de forex markt is er dus geen systeem wat alle noteringen en prijzen bijhoudt.
Er is dus geen algemene markt, elke market maker kan dus zijn eigen trades doen en de informatie voor zichzelf houden. De primaire market makers in deze markt die zorgen voor bied en laatkoersen behoren tot de grootste financiele instellingen ter wereld. Deze banken handelen continue met elkaar en tegen elkaar, op eigen rekening of ten behoeve van hun klanten. Daarom noemen we deze markt ook wel de interbancaire markt.
De competitie tussen banken zorgen voor een tighte spread en eerlijke prijzen. Voor individuele traders is dit de bron van quotes en dit is ook de markt waarop de forex brokers hun prijzen op baseren. De meeste individuele traders hebben geen toegang tot deze markt, omdat de interbancaire markt het domein is van grote financiele instellingen die letterlijk honderden miljoenen dollars ter beschikking hebben. Ondanks dat is het voor de individuele trader wel van belang te weten hoe de interbancaire markt in elkaar steekt, omdat deze een indicatie en inzicht geeft van de tot standkoming van de retail pricing. Met andere woorden, door de interbancaire markt te begrijpen, weten we of we een eerlijke prijs krijgen van onze broker.
Het handelen in een gedecentraliseerde markt heeft voor- en nadelen. In een gecentraliseerde markt heb je voordelen, zoals het feit dat je de gehandelde volumes kunt zien. Aan de andere kant kunnen deze volumes ook weer makkelijk beinvloedt worden, wanneer dat een specialist goed uitkomt. Door de geografische verdeeldheid van de gedecentraliseerde markt is het in de basis al erg lastig om deze makrt te reguleren, maar doordat er zulke grote en belangrijke spelers zich in deze markt begeven kun je eigenlijk haast wel zeggen dat deze markt zichzelf reguleert. Deze zelfregulatie is ogenschijnlijk nog effectiever dan door de overheid opgelegde regulering. Voor de individuele forexhandelaar zijn er instituten als: CFTC, NFA, Cysec, FSA & AFM.
Het grootste deel van de omzetten wordt gegenereerd door slechts 10 banken samen, waaronder: Deutsche Bank, UBS, Citigroup & HSBC. Hoewel elke bank natuurlijk een andere structuur heeft is er binnen elke bank wel een afdeling die zich specifiek over forex ontfermt. Deze afdeling “maakt”prijzen voor klanten, zowel voor binnen als buiten de bank. Binnen zo’n afdeling is er een sales- en een handelsdesk. De salesdesk is over het algemeen verantwoordelijk voor het contact met de klanten, neemt de orders aan en krijgt prijzen van de broker en kijkt of er klanten zijn die hierop wensen te handelen. Nog altijd speelt de handel via de telefoon een aanzienlijke rol, omdat men aan de telefoon weet wie de tegenpartij is. Ook is het telefonisch eenvoudiger in te schatten of de tegenpartij de transactie wellicht zou willen uitbreiden. Of wellicht bereid zou zijn om wat korting op de koers te geven.
Aan de trading desk zijn over het algemeen 1 of 2 traders verantwoordelijk voor het onderhouden van een markt in valutapair. Bijvoorbeeld eurusd, hij of zij maakt prijzen voor een bepaald sort orders, zijn of haar secondant maakt prijzen voor bijvoorbeeld kleinere orders. Voor bijvoorbeeld de meer exotische pairs kan het zijn dat een trader alleen markt maakt in meerdere valuta tegelijk, afhankelijk van de hoeveelheid handel die er is in die paren.
Dit is belangrijk omdat de bank dan min of meer de garantie heeft dat er iemand aanwezig die op de hoogte is van alle ins en outs van een valuta en de gedragingen van de andere partijen in de markt kent.
Hier zit uiteraard wel enige overlap in, de handelaar die NZD trade, zal over het algemeen ook verantwoordelijk zijn voor de handel in AUD. Het is natuurlijk ondoenlijk om voor elk specifiek pair een aparte trader te hebben. De trader in de meer liquide valuta zal doorgaans (in overleg) alle quotes maken voor zijn pair en dus ook de crosses hierin. Ten slotte is er nog een trader die prijzen maakt voor de exotische pairs zoals bijvoorbeeld de ILS (Shekel), MXN (Mexicaanse Peso) en de PLN (Polish Zloty). Dit is doorgaans opgezet in 3 verschillende handelscentra: Londen, New York en Tokyo. Aan het eind van de dag zetten zij hun orders door naar de volgende regio, zo worden de posities van de bank en de klanten 24 uur per dag in de gaten gehouden.
Hoe bepalen banken nu hun prijzen?
Dealers baseren hun prijzen op ontzettend veel factoren, waaronder de huidige marktprijs, het orderboek, hun eigen visie op de markt en hun eigen posities. Als een trader bijvoorbeeld een stijging verwacht in de EUR prijzen, dan zal hij eerder geneigd zijn iets meer te betalen dan de rest van de markt, dan wanneer hij een daling verwacht.
Hoe gaan banken met de risico’s om?
Zoals wij electronisch kunnen traden met onze brokers, zo is er natuurlijk voor de interbancaire markt ook een vorm van schermenhandel beschikbaar: EBS (Electronic Brokerage Services van ICAP) en Reuters Dealing (Reuters Thomson). Het is dan ook logisch dat hoe groter de bank is (Of beter gezegd: hoe meer kapitaal er beschikbaar is.) hoe meer banken bereid zullen zijn om quotes af te geven aan die bewuste bank. Het is dan ook logisch dat hoe meer quotes er zijn, hoe beter de BBO (Best Bid, Best Offer) is en dus hoe beter de quote is. Dit geldt natuurlijk ook voor forexbrokers: hoe groter de forexbroker is, hoe meer quotes hij krijgt en hoe meer quotes → des te beter de BBO. Zowel het EBS als RDS bieden handel aan in de majors, maar sommige pairs zijn meer liquide dan anderen en zelfs tussen EBS en RDS si er een duidelijk verschil in liquiditeit te merken. Natuurlijk proberen ze elkaar te beconcurreren en marktaandeel van elkaar af te snoepen. Maar in het algemeen is de verdeling als volgt:
Cross pairs worden over het algemeen niet gequoteerd op een platform, maar worden berekent op basis van de quotes van de majors die die wel gequoteerd worden. Op basis van de lsose legs is het dan eenvoudig rekenen naar een cross toe. Als voorbeeld: Een klant van een interbancaire trader wil een long positie innemen in EURCAD. Aangezien het een crosspair is en er dus geen quotering beschikbaar is, moet de trader EURUSD long gaan op EBS en long gaan op RDS in USDCAD. De trader kan dan eenvoudig een koers geven in EURCAD. De spread voor crosses is uiteraard wel wat hoger dan in de majors. Immers: de trader moest 2 maal spread betalen.
De minimum transactiegrootte die gehandeld kan worden op allebei de platforms is 1 miljoen in de base currency, De gemiddelde transactie is wat groter: 5 miljoen van de base currency. Dat is dan ook direct de reden dat de interbancaire niet beschikbaar is voor individuele traders. De minimumsize voor de interbancaire markt is al een grote trade voor een individuele trader.
De conclusie is dan ook: Hoewel de interbancaire markt niet beschikbaar is voor individuele traders, is het wel de bepalende markt voor marktpartijen, waaronder dus ook voor forexbrokers en dus indirect ook voor ons. Het is dus leidend voor ons allemaal.